

Het gebeurt onder de grond, waardoor het niet te zien is: via het riool worden chemische stoffen geloosd die niet uit het water te filteren zijn. Daardoor verslechtert de waterkwaliteit. Het blijkt een behoorlijke puzzel om meer grip te krijgen op die lozingen.

Vissen die doodgaan, water waar geen drinkwater van kan worden gemaakt, of waterzuiveringsinstallaties die stukgaan: het zijn allemaal gevolgen van chemicaliën die door het riool spoelen en vervolgens in de natuur belanden. De chemische stoffen waarmee sommige bedrijven werken zijn soms zo lastig te verwijderen dat ze via de zuiveringsinstallatie alsnog in sloten en meren terechtkomen.
Wat in het oppervlaktewater belandt, is precies het water dat in grote delen van Nederland wordt gebruikt om drinkwater van te maken. Drinkwaterbedrijven doen hun uiterste best, maar voor de moeilijkst verwijderbare stoffen is zuivering een uitdaging.
Met een fijnmazig tappuntfilter neemt u zelf de laatste zuiveringsstap voor uw rekening. De EVOfilter houdt met filtratie tot 0,55 nanometer 614 groepen ongewenste stoffen tegen, terwijl de toegankelijkere EVOdrink Quickchange tot 2 nanometer filtert en industriële chemicaliën, en medicijnresten met meer dan 99% verwijdert. Beide werken zonder chemicaliën en zonder elektriciteit.
Zolang het lastig blijft om lozingen bij de bron aan te pakken, is een eigen filter de meest directe manier om grip te houden op wat ú drinkt. Bekijk onze watersystemen of vergelijk ze met de keuzehulp.
Naar aanleiding van berichtgeving van NU.nl
Deze AquaNuvo-systemen helpen u rechtstreeks met wat dit artikel beschrijft.